Dikke katten zijn zieke katten

Dikke katten zijn zieke katten

Luister naar aflevering #2 van De Kattenpodcast

Op dit moment is een van de grootste gezondheidsproblemen van katten het feit dat ze veel te dik zijn. Net als mensen tobben tegenwoordig ook onze katten met hun gewicht en ook bij katten zit er een verschil tussen een klein beetje overgewicht en dikke obesitas. Katten met een overgewicht hebben meer lichaamsvet dan wat we ideaal vinden. Maar heeft de kat zoveel vet op zijn lichaam dat het gezondheids­problemen gaat geven dan hebben we toch echt te maken met obesitas.

Wanneer is een kat te dik?

Bij mensen gebruiken we de Body Mass Index (BMI) om aan de hand van je gewicht en lichaamslengte te be­palen of je te dun, normaal of te dik bent. Voor katten wordt vaak gebruik ge­maakt van de Body Condition Score (BCS) om te bepalen of ze al dan niet te dik zijn. Door het lijfje van je kat te vergelijken met afbeeldingen op een score kaart kan bepaald worden in welke categorie de kat thuis hoort. De categorieën lopen uiteen van brood­mager tot zeer zwaarlijvig, en zijn gebaseerd op de subjectieve beoordeling van de eigenaar of de dierenarts.

Helaas blijkt uit studies dat deze methode neigt naar een onderwaar­dering van het vetgehalte. Doordat dikke katten minder actief zijn is hun spiermassa lager en het vetgehalte hoger als die van actieve katten. In een studie waarin volgens de Body Condition Score 28,7% katten te dik waren werd door de dierenartsen maar 1,4% ook werkelijk als te dik beschouwd.

https://wsava.org/

Een dikke kat is ziek

Een goede reden om je zorgen te maken over het gewicht van je kat is het feit dat obesitas een groot risico op diabetes type II geeft. Maar een dikke kat heeft ook een grote kans op hart- en nierproblemen, artrose, kanker en zelfs de dood.

En daar komen de psychische problemen die een dikke kat van een te dik lijfje kan krijgen nog bij. Het moeilijk kunnen bewegen, jezelf niet kunnen wassen of krabben en niet op je favoriete plekjes kunnen liggen omdat je er niet meer op kan springen tasten de kwaliteit van leven aan en veroorzaken groot lijden.

Katten eten en slapen

De algemeen geaccepteerde reden dat onze katten te dik zijn is dat ze teveel eten en te weinig bewegen. Maar is een gebrek aan beweging echt de oorzaak van het dik worden? Hebben binnenkatten, die mogelijk ook minder bewegen echt een grotere kans om dik te worden in vergelijking met katten die ook buiten komen? Op dit moment zijn geen studies bekend die de fysieke activiteiten en het ontstaan van obesitas bij honden en katten onder de loep hebben genomen.

Er zijn wel een aantal factoren die mogelijk bij kunnen dragen aan het toenemen van het lichaamsgewicht.

  • Een gecastreerde/gesteriliseerde kat heeft zo’n 25-30% minder calorieën nodig
  • Er zit een verschil in voedselinname tussen katten die onbeperkt voer tot hun beschikking hebben tegen­over katten die in maaltijden gevoerd worden
  • De fysieke fitheid van een kat bepaalt de spiermassa en daarmee het energieverbruik
  • Een dieet van (onbeperkt) brokken mogen eten bevat veel te veel suiker en dus overbodige energie

Voer als beloning

Veel mensen gebruiken voer als een manier om met hun katten te communiceren. Ze denken dat als katten toenadering zoeken ze ook honger hebben en geven dan eten. Veel katten krijgen zelfs onbeperkt toegang tot voer omdat baasjes denk­en dat het een natuurlijke manier van voeren is. Maar een kat die tegen je miauwt hoeft echt geen honger te hebben. Hij wil misschien gewoon aandacht of spelen.

En als je zelf een kop koffie drinkt met een koekje erbij is de kat echt niet zielig als hij geen snack krijgt.

Een tikkende tijdbom

Eigenaren vinden het vaak niet belang­rijk om het overgewicht van hun kat aan te pakken. Zolang ze denken dat ze katten een groot plezier doen door ze te vaak en teveel te voeren en te laten snacken is het moeilijk om daarmee te stoppen. Terwijl veel katten het heel erg zullen waarderen als ze aandacht zouden krijgen in de vorm van spel of aaien.

Andere mensen denken dat het veel geld kost om een kat te laten afvallen. Dierenartsen bieden alleen dieetvoer aan en vergeten vaak dat het ook anders kan. De kosten van dieetvoer zijn voor veel baasjes te hoog en het is lastig om in een huishouden met meerdere katten maar één kat een afwijkende voeding te geven.

Het voer dat de dierenarts voorschrijft levert vaak niet het gewenste resultaat op. Katten vallen er niet of maar moeizaam van af. En zodra ze weer ‘gewoon’ voer gaan eten komt het gewicht er in een veelvoud weer bij.

Maar als geld de reden is om een obese kat niet te laten afvallen kan dit weleens op een ander kostbaar drama uitlopen. Want een obese kat is een tikkende tijdbom. Er komt een moment dat hij ernstig ziek wordt en de kosten van de dierenarts niet meer op te brengen zijn. Dit realiseren eigenaren zich echter niet zolang hun geliefde viervoeter nog ogenschijnlijk  gezond is.

Het is echt simpel

Albert Einstein zei “We kunnen een probleem niet oplossen met de denk­wijze die het heeft veroorzaakt”. Met andere woorden, we kunnen katten niet laten afvallen door ze het voer te geven waar ze dik van zijn geworden. Want dat is precies wat de fabrikanten van kattenvoer doen.

Door katten een commercieel dieet­ voer te geven om af te vallen wordt het gewichtsprobleem niet opgelost. Het voer is namelijk nog steeds over­laden met koolhydraten. De calorieën van de suikers en het zetmeel in dit dieetvoer leveren nog steeds meer energie dan de kat nodig heeft. En het enige wat de spijsvertering van de kat met die energie kan doen is het opslaan in de vorm van vet. En dat was nu net waar we de kat vanaf wilden helpen. Door de manier waarop katten zelf hun glucose maken is elke gram glucose (lees suiker en zetmeel) in het voer overbodig en wordt dus opge­slagen als vet. Hoe hard fabrikan­ten van voer ook beweren dat de kool­hydraten een goede bron van energie zijn, dit gaat niet op voor katten.

Hoe werkt het bij de kat?

Het verschil met andere dieren en mensen is dat katten hoofdzakelijk eiwitten gebruiken als bron van energie. Ze produceren zelf een continue stroom van glucose die ze van de eiwitten uit hun voer maken. Dit verklaart ook waarom katten 2 tot 3 keer zoveel eiwitten nodig hebben als bijvoorbeeld honden.

Als katten veel eiwitten nodig hebben en geen enkele behoefte hebben aan koolhydraten in hun voeding, wordt het hopelijk duidelijk dat het dieetvoer van de dierenarts niet tot de gewenste resultaten zal gaan leiden.

Dus …

Om enige kans van slagen te hebben moeten we onze dikke katten geen brokken meer geven maar blikvoer of zelfs rauw gaan voeren. Op die manier bieden we het kattenlijfje de gelegen­heid om de eigen vetreserves te gaan gebruik in plaats van steeds meer suikers aan de vetvoorraad toe te blijven voegen. Het lijf loopt namelijk letterlijk al over van de suiker!

Nog even dit

Katten laten afvallen door ze minder eten te geven is geen optie. Een dieet dat het aantal calorieën beperkt tast zonder twijfel het welzijn van de kat aan. Katten die te weinig calorieën te eten krijgen hebben meer honger en kunnen daardoor agressiever zijn. Ze kunnen chronisch stress ontwikkelen en er kan zelfs stereotype gedrag ontstaan waar­bij ze kale plekken krijgen omdat ze hun eigen vacht uittrekken.

Ook het inzetten van voedselverrijking als een manier om minder voer te hoeven geven lost het probleem niet op. Ze langer over het eten laten doen maakt de honger niet minder. Het kan het probleem zelfs vergroten. Honger is nooit een optie. Voedsel­verrijking is een prima manier om verveling tegen te gaan, maar niet om honger te stillen.

Er bestaan boeken en online hulp­programma’s om je helpen met het laten afvallen van je kat. Houd hierbij altijd in je achterhoofd dat er vaak een voer fabrikant achter de formule zit en dat deze programma’s gebaseerd zijn op het gebruik van dieetvoer in de vorm van brokken. Het laten afvallen van een kat duurt lang en fabrikanten willen met dit soort programma’s  proberen om je te motiveren om het vol te houden en dus de dieetproducten te blijven kopen. Ook dierenartsen helpen je graag met regelmatige controles ter motivatie. Maar vergeet niet dat afvallen geen kwestie van minder calorieën maar van andere calorieën is en dus dieet brokken niet de oplossing zullen zijn.

Wat is het beste voer voor mijn kat?

Wat is het beste voer voor mijn kat?

Luister naar aflevering #1 van De Kattenpodcast

Hoe vaak sta ik niet in een dierenwinkel en vraag ik me af hoe jij als katten eigenaar in de jungle van kattenvoer een keuze kan maken. Zoveel merken en soorten voer en allemaal beweren ze de beste te zijn. De verpakkingen staan vol marketing trucjes: ze garanderen de beste smaak en doen gezondheidsclaims die mogelijk dubieus zijn. De fabrikant bedenken steeds nieuwe manieren om jou over te halen om hun voer te kopen.

En als je dat dan doet beweren ze vervolgens dat je niet mag switchen of afwisselen met andere merken. Nee, tuurlijk niet. Ze willen je een kattenleven lang als klant houden.

Ook dierenartsen zijn niet altijd even kundig als het om het voer van katten gaat. Heb je bijvoorbeeld ooit je eigen dokter of diëtiste horen zeggen dat je niet mag afwisselen, maar dat het het beste is om je leven lang dezelfde droge voeding te eten om te voorkomen dat je ziek wordt, of erger dood gaat?

Katten zijn carnivoren

Katten zijn pure vlees eters. In tegenstelling tot honden die ook kadavers eten bestaat het vlees voor katten altijd uit een vers gevangen prooi.

De vleeseter die de kat is hoort voer te eten met veel vocht, veel eiwitten, een matige hoeveelheid vet en nauwelijks tot geen koolhydraten.

Het kauwen slaan ze over, het gebit is gemaakt om de prooi vast te pakken en te verscheuren als hij te groot is om in één keer naar binnen te werken, maar niet om te kauwen. De kaak van een kat kan geen kauwende beweging maken, hij kan alleen maar bijten. De kattenmaag neemt de taak van kauwen over en werkt de eiwit verterende enzymen net zolang door de brij heen tot deze fijn genoeg is om de reis door de darmen te vervolgen.

Vlees is makkelijk verteerbaar, waardoor de darmen van een kat in verhouding tot alleseters en planteneters heel erg kort hoeft te zijn. Het voer gaat er snel doorheen en er vindt nauwelijks fermentatie plaats zoals in de buik van koeien en andere herbivoren.

Daarnaast is de spijsvertering van katten niet geschikt voor het verteren van koolhydraten. Ze hebben niet genoeg enzymen om suikers af te breken, hun korte darmen krijgen daar ook niet genoeg tijd voor. De eiwitten en vetten moeten zo snel mogelijk verteerd worden zodat de restanten het lichaam ook weer snel kunnen verlaten.

De enkele koolhydraten die katten eten komen uit de ingewanden van de prooi en die zijn al vermengd met de enzymen die de prooi zelf heeft aangemaakt.

Katten zijn helaas erg robuust

Katten zijn veerkrachtig en vallen vaak niet gelijk dood neer als ze een verkeerd dieet eten. Ze worden heel langzaam ziek en krijgen dan chronische ziektes en gaan daar uiteindelijk aan dood.

Katten hebben gedurende zo’n 2 miljoen jaar hun natuurlijke voer gegeten. Die bestond vooral uit vleesrijke prooien. Pas sinds de laatste 60-80 jaar voeren wij ze een plantaardig en droog, sterk bewerkt voer. Voer waarvoor ze dus niet gemaakt zijn en dat hun lijfje langzaam aantast.

De meeste mensen hebben echter niet door dat het droge voer niet goed voor ze is. Juist omdat ze er niet gelijk dood van neervallen. Anders zouden we wel sneller actie ondernemen.

Het huidige kattenvoer is niet alleen droog, maar het zit vaak ook vol kunstmatige voedingsstoffen zoals bijvoorbeeld de toegevoegde vitaminen, mineralen en conserveermiddelen. En van die zeer goedkope ingrediënten weet niemand wat de kwaliteit is en of het vervuild is met pesticiden en andere ziekmakende stoffen of organismen.

Tijdens de productie van brokken worden de ingrediënten aangetast door onder andere de hoge temperaturen die het voer moet ondergaan. Ook hierbij kunnen kwalijke stoffen ontstaan die de gezondheid van de kat kunnen aantasten.

En bedenk dat de meeste katten dit voer levenslang iedere dag eten. Generatie op generatie.

Laten we de verschillende soorten voer eens op een rijtje zetten.

De volgorde wordt vooral bepaald door de samenstelling van het voer, maar er is één aspect in de voerkeuze die veel belangrijker is dan de kwaliteit van het voer en dat is de kat zelf. Want het allerbeste voer is het voer dat wat de kat bereid is om te eten. Naast het feit dat iedereen zelf moet bepalen welk voer betaalbaar is, welk voer je wilt voeren of welk voer je mag geven vanwege gezondheidsproblemen, als de kat het niet wil eten houdt alles op.

Van de minst goede naar de beste keuze

Het is dus belangrijk om je kat zo goed mogelijk te voeren om hem ook zo lang mogelijk gezond en fit te houden. Hoe dichter bij de natuurlijke prooi hoe beter. En op basis van dat uitgangspunt is de onderstaande lijst samen gesteld.

We beginnen bij de droge brokken. Dit kattenvoer is nooit natuurlijk voor een kat. Nergens in de natuur eet een kat gedroogd vlees en al helemaal niet als het gemengd is met plantaardige ingrediënten. Een uitgehongerde kat die geen prooi meer weet te vangen zal in de natuur nooit z’n buik vullen met tarwe of rijst, maar uiteindelijk de hongerdood sterven.

Plantaardige brokken

Katten zijn vleeseters. Vegetarische brokken zijn dus absoluut uit den boze. Ondanks dat ze qua voedingsstoffen compleet zijn, wordt dit voer op een zeer onnatuurlijke manier geschikt gemaakt voor een kat die eigenlijk alleen maar dierlijke voedingsstoffen nodig heeft. Op dit soort sterk bewerkt voer kan geen enkele kat floreren en gezond oud worden.

Graan bevattende brokken

Mais, tarwe en rijst zijn de meest gebruikte granen in kattenvoer. Het zijn goedkope ingrediënten met veel calorieën en weinig voedingsstoffen. Dit voer is sterk bewerkt en moet met kunstmatige toevoegingen compleet gemaakt worden.

Hoewel iedere brok een beetje koolhydraten nodig heeft om te vorkomen dat ze uit elkaar vallen, voegen sommige fabrikanten zoveel suikers toe dat een brok tot wel de helft uit koolhydraten kan bestaan. En dat is veel te veel van en ingrediënt wat de kat niet nodig heeft.

Graanvrije brokken

Graanvrije brokken bevatten niet per se minder koolhydraten, in tegendeel. Veel graanvrije brokken zijn rijker aan koolhydraten omdat er andere zetmeel bronnen worden gebruikt. Vooral aardappelen en erwten zijn gewilde vervangers van de granen. En de nieuwste zetmeel trends zijn de kikkererwten, tapioca of linzen.

Een belangrijk voordeel is dat brokken zonder granen ook vrij zijn van gluten. Dit eiwit kan door katten niet verteerd worden, maardat wel ernstige gezondheidsproblemen kan veroorzaken.

Koolhydraatarme graanvrije brokken

Steeds meer fabrikanten zien in dat onze katten betere brokken moeten eten en verminderen de hoeveelheid koolhydraten. Nieuwe en slimme manieren om droogvoer te maken hebben als voordeel dat er minder zetmeel nodig is om te voorkomen dat brokken uit elkaar vallen.

Als het niet mogelijk is om een kat iets anders te voeren zijn ze een goed alternatief voor de suikerrijke varianten van de diverse grote merken kattenbrokken. Maar het zijn en blijven natuurlijk droge brokken.

Supermarkt natvoer compleet

Ieder natvoer is beter dan droge brokken. Ze hebben niet alleen het voordeel dat ze vele malen meer vocht bevatten, maar voor de productie van blikvoer is geen zetmeel nodig. Hierdoor zijn ze automatisch veel lager in koolhydraten dan droge brokken.

De relatief goedkope blikjes natvoer in de supermarkt bevatten over het algemeen wel meer vocht dan de natuurlijke prooi van de kat. En daarnaast bevatten ze meestal ook goedkope plantaardige ingrediënten, net zoals de granen in droogvoer. Er wordt vaak gebruik gemaakt van bijproducten waardoor het niet altijd even duidelijk is wat er in het blikje zit.

Graanvrij natvoer compleet

Graanvrij blikvoer bestaat meestal (bijna) helemaal uit dierlijke ingrediënten. Het voer is vaak duurder omdat er minder gebruik wordt gemaakt van goedkope bijproducten. Hierdoor weten we beter wat we onze katten voeren. Dit voer vinden we vaak in de dierenspeciaalzaken of online.

De eiwitten en vetten zijn door hun dierlijke afkomst van goede kwaliteit en zijn in de juiste hoeveelheden in het voer aanwezig.

Zelfgemaakt natvoer gekookt compleet

Zelf eten koken voor je kat is een hele mooie optie, maar je moet wel weten wat je doet. Het moet namelijk gebalanceerd zijn en alle vitaminen en mineralen bevatten die de kat nodig heeft.

Het geven van gekookt voer is niet per definitie slecht. Sommige katten eten geen rauw voer en andere katten kunnen bijvoorbeeld vanwege een alvleesklier ontsteking beter gekookt voer eten.

Gedroogd vers compleet

Het is in Nederland geen veel voorkomende soort kattenvoer, maar gedroogd vers voer is vaak wel van een goed kwaliteit. Het is langer houdbaar dat verse producten en het is makkelijker in gebruik waardoor het voor sommige mensen (en katten) een mooi alternatief is voor rauw kattenvoer. Soms kan dit gedroogde vlees weer geweld worden in water waardoor het voor de kat nog natuurlijker wordt om te eten.

Er worden geen hoge temperaturen gebruikt om het vlees te drogen (bv gevriesdroogd of lucht gedroogd) waardoor de voedingswaarde goed behouden blijft

Compleet KVV

KVV staat voor een commercieel rauw voer dat al dan niet compleet is. Het is dus belangrijk om te zorgen dat je de complete variant kiest. Om te voorkomen dat de rauwe voeding meer kwaad doet dan goed moet ook rauw vlees namelijk gebalanceerd zijn samengesteld.

Rauw KVV voer is gemalen vlees, organen en botten met eventueel verse kruiden en natuurlijke supplementen of een synthetische multivitaminen eraan toegevoegd.

Net als voor de brokken en het natvoer geld ook voor rauw voer dat het vlees van verschillende kwaliteiten kan zijn. Vooral rauw vlees moet erg vers zijn om te voorkomen dat er ziekmakende bacteriën of micro organismen in zitten.

Barf

Wil je nog een extra stapje zetten in de richting van beter voer dan maak je zelf rauwe voeding. Dan weet je precies wat erin zit en komt het zo dicht mogelijk bij de natuurlijke prooi van de kat. Het heeft nog alle levende enzymen en heeft niet geleden onder een een bewerkingsproces. Er zit echter ook een grote maar aan. Je moet je goed verdiepen in het samenstellen van rauwe voeding. Want zelf rauwe voeding maken is veel meer dan een kat een lekker vers kipfiletje of misschien zelfs een biefstukje geven. Doe het goed of doe het niet.

Net als alle eerdere soorten kattenvoer, moet met een zelf samengesteld voer het nog steeds gebalanceerd en compleet zijn. Het moet voldoende vitaminen, mineralen, antioxidanten en essentiële voedingsstoffen bevatten.

Zelf gevangen prooien

En natuurlijk gaat er niets boven een door de kat zelf gevangen verse biologische muis die met huid en haar kan worden opgegeten. Want alle onderdelen van de prooi zijn erg goed voor de kat, maar ze mogen vaak lang niet allemaal in commercieel voer aanwezig zijn. Dus zelf vangen is dan de beste optie.

Worden katten ziek van het eten van droge brokken?

Worden katten ziek van het eten van droge brokken?

Het voer van onze katten, en met name de droge brokken, lijkt dezelfde ontwikkeling door te maken als ons eigen eten. De industriële revolutie hervormde de wereld in een sneltrein­vaart. Onze voedings- en leefpatronen ondergingen enorme veranderingen. Kleine boerderijen verdwenen, de voedselindustrie kwam op en er ontstond een vraag naar makkelijke en snel te bereiden voeding.

Helaas gebeurde hetzelfde met het kattenvoer. Het voeren van onze katten moest eveneens makkelijk en snel. En in feite eten katten nu hetzelfde als wij mensen. Ook hun voer wordt in nu fabrieken gemaakt en samengesteld uit dezelfde goedkope grondstoffen. En daarmee hebben ze ook dezelfde gezondheids­problemen als mensen gekregen en worden katten ziek van het eten van brokken.

Wat horen katten te eten?

Katten hebben in hun hele bestaan op aarde nooit eerder gekookte voeding gegeten, laat staan droge brokken met veel koolhydraten. Ze evolueerde op prooien als muizen, konijnen en vogels, maar geen droge, vleesarme, suikerhoudende sterk verhitte brokken. Katten zijn pure carnivoren. Hun tanden, darmen en spijsvertering zijn gemaakt om vlees te verwerken. Scherpe hoektanden zijn er om prooien mee te vangen. De vorm van hun kiezen maakt dat ze er uit­stekend vlees en botten klein mee kunnen maken. Ze hebben een grote maag, korte darmen en een heel kleine blinde darm. Dit geeft aan dat katten in een korte tijd een grote hoeveelheid eiwit kunnen eten, die snel kunnen verteren en de voedingsstoffen makkelijk kunnen opnemen.

Waarom zijn brokken slecht voor katten?

Voor ons eigen gemak voeren we onze katten ziek met droge brokken waarin veel koolhydraten zitten, nauwelijks water en kwalitatief slechte eiwitten die niet in het eten van katten thuis horen.

Brokken bevatten veel ingrediënten die het lichaam van de kat niet of nauwelijks kan verteren. Daardoor kunnen ze op lange termijn voor veel problemen zorgen. Deze problemen ontstaan sluimerend en blijven voor een eigenaar lang onzichtbaar. Katten zijn immers kampioenen in het verbergen van pijn of lichamelijk ongemak. De meeste chronische ziektes sluipen maar heel langzaam het kattenlijfje binnen. Het kan soms wel jaren duren voordat duidelijk wordt dat de verkeerde bouwstenen hebben geleid tot een huis dat onbewoonbaar is geworden. De kat krijgt blaas- en/of nier­problemen, zijn schildklier begeeft het, de alvlees­klier stopt ermee en de productie van insuline wordt ernstig verstoord.

Klaagt jouw kat over zijn voer?

Katten klagen niet als ze brokken te eten krijgen. Toch? Of luisteren we niet goed? Vertelt de kat met zijn gedrag misschien al wel een hele tijd dat er iets mis is? Dat hij langzaam ziek wordt van het eten van droge brokken. Is hij agressief of slaapt hij juist veel? Loopt hij altijd te bedelen om voer, ook als zijn bakje nog maar net is leeggege­ten? Of krijg je steeds een mep op je handen als je tijdens het aaien te dicht bij zijn buik komt?

Veel gedrag krijgt verklaringen die echt wel juist zijn, maar met een ‘voer-bril’ op zou een nieuwe kijk op het gedrag ook nieuwe inzichten kunnen geven.

Hoe zie je dat je kat ziek is van het eten van brokken?

Een kat die je bijt als je aan zijn buik komt kan weleens buikpijn hebben. En dan is het misschien wel heel kort door de bocht om te zeggen dat hij er niet van houdt als je aan zijn buik zit.

Eten van het aanrecht pikken kan een teken zijn van een tekort aan voedingsstoffen. Dieren kunnen instinctief op zoek gaan naar het voedsel dat ze hard nodig hebben. En dat zou weleens die biefstuk op het aanrecht kunnen zijn in plaats van de suikeroverladen brokken in zijn eigen bakje. Bij zo’n kat kan een gedragstherapeut wel proberen om hem af te leren om op het aanrecht te springen, maar of dat ook gaat lukken is maar de vraag. Een goede portie van bij de kat passend voer kan in zo’n geval misschien wel wonderen doen.

Je bent wat je eet

Als je bent wat je eet kunnen veel katten die dagelijks alleen maar brokken eten weleens meer dan alleen maar een gedragsprobleem hebben. Wanneer de verstuiver van Feliway, extra spelen en voerpuzzels niet meer helpen, is het probleem misschien niet puur gedragsmatig, maar ook lichamelijk. Laat katten daarom altijd checken door een dierenarts voordat je een gedragstherapeut inschakelt. En overleg ook eens met een voedings­deskundige over hoe je voor een aantal problemen heel eenvoudig kan testen of het voer een rol speelt.

Worden katten oud als ze brokken eten?

Maken we ons misschien zorgen om niks?  Kunnen katten zich misschien wel prima redden op de makkelijke goedkope brokken? Er zijn immers verhalen over katten van 20 jaar of ouder die altijd brokken hebben gegeten. Zij zijn het levende bewijs waarmee voorstanders en fabrikanten ons proberen te over­tuigen van de gezondheid en compleet­heid van het droge katten­voer. Maar klopt dat beeld wel? Zijn deze katten allemaal wel zo gezond als ze ons doen geloven? Of is er misschien een groot verschil tussen “overleven” en “een goed en optimaal leven leiden”? Kunnen we van dieren die oud worden op brokken ook zeggen dat ze erop floreren? Is gezondheid niet veel meer dan de afwezigheid van ziekte? Waarschijnlijk zijn er veel katten die door hun eigen natuurlijke drang om ziekte en pijn te verbergen in stilte hebben geleden.

Oud zijn is geen ziekte

Veel van de kwaaltjes die katten krijgen naarmate ze ouder worden hebben niets te maken met hun leef­tijd. Vaak zijn ze het resultaat van een slecht voedingspatroon over een lange periode. Veel katten worden namelijk ziek van het eten van de droge brokken. Hierdoor hebben allerlei ongewenste stoffen zich hebben kunnen ophopen in het lichaam. En als katten in hun voeding niet de juiste of niet voldoen­de van de voedingsstoffen vinden die ze nodig hebben voor het gezond houden van hun lichaam, is ziekte vaak onvermijdelijk.

Horen gezondheidsproblemen bij het ouder worden of zijn ze het gevolg van een slechte voeding?

Een gebrek aan goede voedingsstoffen door een langdurig slechte voeding resulteert vroeger of later in een verminderde gezondheid. Maar is dat dan “de leeftijd”? Of hebben we te maken met een vorm van onder­voeding terwijl voer in  overvloed aanwezig is. Kunnen we misschien met de juiste voeding voorkomen dat de ouderdom met gebreken komt?

Maken de droge brokken katten dus ziek?

Het antwoord is dus ja, katten worden ziek van het eten van droge brokken. Chronische ziektes, auto-immuun­ziektes, allergieën, lever-, nier- en alvleesklier ziektes en kanker worden in de meeste gevallen veroorzaakt door voeding. Hoe langer de kat een slecht dieet eet, hoe groter de kans wordt dat er chronische gezondheids­problemen ontstaan. Eens geeft het lijfje het op. Na soms jarenlang voer van slechte kwaliteit te hebben gegeten geven we de ouderdom de schuld. Maar waarschijnlijk was het te voorkomen geweest en hadden we poeslief in een betere conditie kunnen houden met een voeding die beter bij haar paste. We kunnen onze katten niet beschermen tegen alle slechte stoffen in voeding en de vervuilingen in onze omgeving, maar daar waar we het wel kunnen moeten we ze behoeden voor ziekmakende invloeden. Dus voorkom wat je zelf in de hand hebt.

Mais in kattenvoer is goedkoop maar onnodig

Mais in kattenvoer is goedkoop maar onnodig

Is mais een natuurlijk voer voor katten?

Als je kijkt naar wat de kat in de natuur eet kan je zelf waarschijnlijk het antwoord al geven. Nee, katten eten geen mais. De kat is bij uitstek een vleeseter. Al twee miljoen jaar staat er alleen vlees op zijn menu. Een enkele keer zie je een kat een paar sprietjes gras eten. Maar zijn buik vult hij daar niet mee.

Maiskorrels zijn voor katten onmogelijk te verteren. Hiervoor moet het eerst sterk worden bewerkt. Hoe fijner het gemalen wordt hoe beter het door de kat verteerd kan worden. Vervolgens wordt de mais tijdens de productie van de brokken gekookt. Fabrikanten noemen het dan ‘goed verteerbaar voer’. Maar een groot nadeel van dit fijnmalen en verhitten is echter dat de suikers in de mais ook een grotere uitwerking krijgen op de bloedsuiker­spiegel van de kat.

De hoge verteerbaarheid van mais ontstaat alleen door het fijnmalen van de maiskorrels en de enorme verhitting tijdens de productie van de brokken. De vraag is of deze ‘hoge verteerbaar­heid’ ook voedzaam is.

De kat kan de mais nu wel eten, maar het is onnodig. Mais heeft voor katten geen toegevoegde voedingswaarde. Hoewel fabrikanten en veel dierenartsen beweren dat mais veel vitamines, mineralen en antioxidanten bevatten, zijn er andere ingrediënten met een hogere kwaliteit aan te bevelen voor deze voedingsstoffen. Mais heeft absoluut geen hoge voedingswaarde, het enige dat hoog is in mais is de hoeveelheid energie in de vorm van suiker.

Wat is het verschil tussen suikermais en snijmais?

Mais is een cultuurgewas dat door mensen is gemaakt. Het komt in zijn huidige vorm niet in de natuur voor.

De suikermais die wij eten en de snijmais die in diervoer wordt gebruikt zijn beide graansoorten uit de familie van de grasachtige. Suikermais wordt gekweekt voor de kolven en omdat de suikers in deze mais niet omgezet worden naar zetmeel is de mais zoet van smaak.

De kolven van snijmais moeten eerst worden bewerkt alvorens ze gegeten kunnen worden. De oogst vindt veel later in het groeiseizoen plaats en de suikers zijn dan al voor een groot deel omgezet in zetmeel.

Diervoer fabrikanten gebruiken het feit dat de hoeveelheid suiker in snijmais laag is als reden om mais als geschikt ingredient voor kattenvoer te gebruiken. Het zou voedzaam zijn en veel eiwitten bevatten. Ze vergeten hierbij echter te vermelden dat het zetmeel volledig bestaat uit glucose en het voor de kat dus niet uitmaakt of hij suiker of zetmeel eet.

Waarom wordt er zoveel mais gebruikt in kattenvoer?

De koolhydraten in mais zijn goedkoop. En voor de productie van brokken zijn deze suikers essentieel. Ze zijn de lijm die de brok in zijn vorm houdt. Zonder koolhydraten vallen brokken als los zand uit elkaar. Het gebruik van mais als bron van de koolhydraten maak het kattenvoer dus goedkoper, ook omdat er daardoor minder vlees in hoeft.

Blikvoer bevat over het algemeen geen mais. Waarmee de fabrikant zelf dus al aantoont dat mais geen noodzakelijk onderdeel van het dieet van een kat is.

Hoe herken ik mais op de etiketten van kattenvoer?

Fabrikanten van kattenvoer moeten zich voor de vermelding van de ingrediënten op de verpakking houden aan de wettelijke voorschriften. Voor mais betekent dit dat het onder de volgende namen op verpakkingen kan voorkomen:

  • Mais
  • Mais vezels
  • Maisgluten (meel)
  • Mais eiwit (meel)
  • Mais zetmeel (meel)
  • Maisgries
  • Maiszemelen
  • Maiskiemen
  • Mais bindmiddel

Sommige fabrikanten gebruiken in plaats van de afzonderlijke ingrediënten categorieën. In dat geval kunnen de categorieën ‘Granen’ en ‘Plantaardige bijproducten/­neven­producten’ ook mais bevatten.

Hoeveel koolhydraten zitten er in mais?

Snijmais staat niet in de voedings­middelen tabellen voor mensen. Als we willen weten hoeveel voedings­stoffen er in mais in kattenvoer zitten moeten we naar de veeteelt kijken. Speciaal voor de veeteelt, maar ook voor onze huisdieren wordt snijmais verbouwd. Het is een makkelijk te telen ruwvoergewas en heeft een andere samenstelling dan suikermais.

Welke voer merken bevatten mais?

Een kleine inventarisatie van een aantal willekeurig gekozen merken kattenvoer toont aan dat de meeste merken gebruik maken van mais.

  • Almo
  • Animonda
  • Brekkies
  • Concept for life
  • Eukanuba
  • Felix
  • Fokker
  • Friskies
  • Happy Cat
  • Hill’s Prescription diet
  • Hill’s Science Plan
  • Iams
  • Kitekat
  • Nutro
  • Perfect Fit
  • Pro Plan
  • Pro Plan Veterinary Diets
  • Purina ONE
  • Royal Canin
  • Royal Canin Veterinary
  • Sanabelle
  • Smilla
  • Smølke
  • Specific Veterinary Diet
  • Whiskas
  • Yarrah Bio

Mais bevat veel lectinen, is dat schadelijk voor katten?

Lectinen, ook wel anti-nutriënten genoemd, zijn het natuurlijke afweersysteem waarmee onder andere grassen hun zaden beschermen tegen eters. Doordat de lectinen kunnen blijven plakken tegen de darmwand van de kat kunnen ze de werking van de darmen aantasten. Voedingsstoffen kunnen dan niet meer goed worden opgenomen en de goede darmbacteriën verdwijnen. Hierdoor is de kans groot dat de darm gaat lekken waardoor halfverteerde voedingsstoffen in de bloedbaan terecht komen. Het immuunsysteem wordt dan overbelast en gezonde weefsels in het lichaam zijn hiervan de dupe en krijgen te maken met ontstekingsreacties.

Zitten er gluten in mais?

Mais bevat geen echte gluten. Alleen Tarwe, gerst en rogge bevatten eiwitten die coeliakiepatiënten in grote problemen kunnen brengen. Wanneer er op het etiket van kattenvoer gesproken wordt over maisgluten dan zijn dit wel eiwitten, maar niet wat wij in de volksmond verstaan onder gluten.

Wat zijn aflatoxinen in mais schadelijk voor katten?

Een groot probleem bij het verbouwen en opslaan van mais is een besmetting met schimmels die gevaarlijke gifstoffen produceren, waaronder aflatoxine. Droge warme omstandigheden zijn ideaal voor het ontstaan van deze schimmels. De buitenste laag van de maiskorrels raakt door de droogte en warmte beschadigd waarna ze vatbaar zijn voor de schimmel. Het schimmelgif aflatoxine kan ernstige acute ziekteverschijnselen met dodelijke afloop en kanker veroorzaken. Niet alleen katten, maar ook mensen en andere dieren die vervuild mais hebben gegeten worden ziek. De gifstoffen vergiftigen de lever waarna tumoren kunnen ontstaan.

Aflatoxinen zijn niet gevoelig voor verhitting en zullen dus het koken van het brokkendeeg overleven. Katten die besmette brokken hebben gegeten krijgen problemen met hun lever en darmen, bloedarmoede en geelzucht. Hevig en vaak spugen, verminderde eetlust en sloomheid kunnen bij katten de eerste symptomen van een aflatoxine vergiftging zijn.

Waarom wordt mais genetisch gemodificeerd?

Genetische modificatie (GMO) is een methode om eigenschappen van onder andere planten te veranderen. Door genen van andere planten, virussen of bacteriën in te brengen in het DNA van mais, krijgt deze plant nieuwe eigenschappen die gunstig zijn voor de teelt van dit gewas. In het geval van mais zijn er twee GMO-varianten. De ‘Roundup Ready’ mais en de ‘BT’ mais.

Roundup Ready mais is resistent voorbestrijdingsmiddelen zoals insecticiden en onkruidverdelgers die daardoor gebruikt kunnen worden zonder de mais aan te tasten. BT-mais maakt zijn eigen bestrijdingsmiddel tegen de rups van de zeer schadelijke Europese Maisboorder.

Kan het kwaad als mais in kattenvoer genetisch gemanipuleerd is?

Studies met ratten hebben uitgewezen dat GMO-mais kan leiden tot vroegtijdig overlijden, tumoren in de borst en ernstige schade aan de lever en nieren.

Doordat de Roundup Ready mais zelf niet aangetast wordt door de bestrijdingsmiddelen, kunnen deze gifstoffen dus rijkelijk door de boeren worden gebruikt. En mogelijk veroorzaken deze pesticiden in de mais schade aan de lever en de nieren. Beide organen zijn bij zoogdieren belangrijk voor het ontgiften van het lichaam. Het door de GMO-mais veroorzaakte Hepatorenaal Syndroom leidt dan tot leverfalen en uitval van de nierfunctie.

Mag er in de EU genetisch gemodificeerd mais worden gebruikt in kattenvoer?

In Europa is de teelt van één variant genetisch gemodificeerd (GMO) mais toegestaan. Omdat in zuid Europa de gevreesde Europese Maisboorder rups voor komt, mag de door Monsanto ontwikkelde MON810 BT-mais variant binnen de EU geproduceerd worden. Daarnaast was het in september 2016 toegestaan om minstens 11 soorten GMO-mais te importeren. Deze mais is voornamelijk bedoeld als voer voor vee en huisdieren.

Staat het op het etiket als er genetisch gemodificeerd mais in kattenvoer zit?

Volgens de wet moet een hoeveelheid GMO-mais die hoger is dan 0,9% op de verpakking vermeld worden. Er zijn echter maar weinig verpakkingen van kattenvoer te vinden die mais bevatten en waarbij staat dat het GMO-mais is. Mogelijk komt dit door het feit dat de wet de gelegenheid biedt om dit te omzeilen. Bepalend voor de vermelding is namelijk “of er in het diervoer nog materiaal aanwezig is dat van het genetisch gemodificeerde uitgangsmateriaal is afgeleid.” (Verordening (EG) Nr. 1829/2003). In het geval van maiszetmeel of maisgluten kan men mogelijk zeggen dat er geen DNA-materiaal van de mais aanwezig is. Hierdoor zou een vermelding op het etiket niet strikt noodzakelijk zijn.

Biologische mais bevat 0,0% GMO-mais.

 

Copyright © 2022 Voer Voor Katten | Privacyverklaring

Wat staat er op het etiket?

Wat staat er op het etiket?

Om mijn kennis van kattenvoer te vergroten heb ik onlangs een Pet Food Nutrition cursus gevolgd en met succes afgerond. Ik dacht dat ik in de afgelopen jaren al aardig wat kennis had vergaard, maar deze cursus was toch wel een regelrechte eyeopener.

Een belangrijk onderdeel van de cursus was het leren lezen en interpreteren van de informatie op verpakkingen van honden- en kattenvoer. Vanaf nu kijk ik nooit meer hetzelfde naar commercieel diervoer. En om je een indruk te geven van wat ik heb geleerd geef ik je hier een kleine impressie van mijn ondervindingen.

Let op: ik ben geen dierenarts en ik kan je dus geen medisch advies geven.
Maar ik heb wel tips om je te helpen betere keuzes te maken als het gaat over het voeren van je kat.

Als voorbeeld heb ik de ingrediënten van een willekeurig kattenvoer uit de supermarkt gekozen. Aan de hand van de gegevens op dit etiket laat ik je zien welke informatie je hier onder andere uit kan halen.

Samenstelling: Zalm (15%), tarwe (15%), gedroogd gevogelte-eiwit, maïsglutenmeel, sojameel, maïs, dierlijk vet, bietenpulp, cichoreiwortel (2%), gedroogde vis- eiwitten, mineralen, autolysaat, gist (1%).

Toevoegingen: Koper [E4] (50 mg/kg), ijzer [E1] (253 mg/kg), jodium [E2] (3,2 mg/kg), mangaan [E5] (105 mg/kg), selenium [E8] (0,29 mg/kg), taurine (780 mg/kg), vitamine C (160 mg/kg), vitamine D3 (1120 IE/kg), vitamine E (770 IE/kg), vitamine A (36960 IE/kg), zink [E6] (428 mg/kg).

Wat het eerste opvalt aan dit etiket is de grote hoeveelheid plantaardig meel en granen. Dit voer is dus duidelijk een droogvoer. Zetmeel is nodig voor het ‘plakken’ van de brokken. Zonder zetmeel vallen brokken uit elkaar.

De volgorde van de ingrediënten op de etiketten van kattenvoer (maar ook de etiketten op ons eigen eten) wordt bepaald door de hoeveelheid van dat ingrediënt in het voer. Het ingrediënt dat er het meest in zit staat als eerste vermeld gevolgd door de, in aflopende volgorde van gewicht genoemde, overige ingrediënten.
Als we op zoek zijn naar voer met veel vlees of vis willen we dus dat het vlees of de vis als een van de eerste ingrediënten vermeld staan op het label. De zalm als eerste ingrediënt op dit etiket is vis met het water er nog in. Maar zonder dat water komt de zalm veel lager op de lijst terecht.

Door ingrediënten op te splitsen lijkt het of er minder van in het voer zit. Als de maïs en het maïsglutenmeel bij elkaar opgeteld zouden worden bevat dit voer meer maïs dan dat de leverancier nu doet vermoeden.

Zalm is een goede bron van eiwitten, maar de hoeveelheid zalm in dit voer is niet toereikend. En omdat katten juist een grote hoeveelheid eiwitten nodig hebben in hun voeding, wordt aan dit voer veel eiwit toegevoegd in de vorm van gevogelte-eiwit, maïsglutenmeel, sojameel en vis-eiwitten. Dit duidt dus op een te geringe hoeveelheid en/of een slechte kwaliteit van de zalm.

De toegevoegde vitamines in commercieel voer zijn kunstmatig en worden achteraf aan het voer toegevoegd. Tijdens het maken van de brokken wordt het voer zo intensief bewerkt en verhit dat veel van de vitamines en mineralen verloren gaan. De kwaliteit van deze toevoegingen laat te wensen over. De afkomst en kwaliteit is vaak niet te achterhalen. Gifstoffen en genetisch gemanipuleerde bestanddelen kunnen niet worden uitgesloten.

Dit overzicht van wat er in kattenvoer zit was een korte introductie in het lezen van de verpakkingen van diervoer. Pak het voer van je eigen kat of hond er eens bij en probeer eens of je al op een andere manier naar de verpakking kijkt. Waarschijnlijk heb je nu meer vragen gekregen over het voer van je geliefde huisdier. Maar geloof me, hoe meer je weet hoe meer vragen erbij zullen komen. Tegelijk kan je steeds betere keuzes maken op basis van de kennis die je hebt.

Zelf ben ik erg blij met wat ik heb geleerd in deze cursus. En in de komende tijd zal ik steeds hiervan met je delen.