Home » Katten kunnen niet stoppen met jagen

Katten kunnen niet stoppen met jagen

Trefwoorden: Gedrag | podcast

Luister naar aflevering #3 van De Kattenpodcast

Het jagen zit onze katten in het bloed. Sommige katten hebben een groter jachtinstinct dan andere. Ze trotseren weer en wind op zoek naar iets eetbaars. Maar er zijn ook katten die helemaal geen jachtgedrag vertonen. Toch jagen veel katten gemiddeld tussen de 3½ en 6 uur per dag.

Voor veel kattenbaasjes is het een onbegrijpelijk gedrag. Hun lieve goed doorvoede viervoeter blijft maar jagen. Voerbakjes vol met lekker eten lijken de kat er niet van te weer­houden om zelf op jacht te gaan.

Natuurlijk is de ene kat wat meer gemotiveerd dan de andere en zijn sommige katten opmerkelijk goede jagers terwijl andere er niets van lijken te snappen. Maar voordat we nu een oordeel vellen is het misschien slim om eerst eens te kijken waarom onze huiskatten katten nog steeds jagen.

Jagen

Een bedreven jager kan met zijn zojuist vol gegeten buik weer direct zonder problemen op zoek gaan naar een nieuwe prooi. En tot verdriet van vele baasjes brengt hij dan vaak zijn verse buit ook weer mee naar huis. Met een beetje pech is die half opgegeten muis de eerste die je ’s morgens begroet als je uit je bed stapt.

Maar als we ons er iets meer in ver­diepen is het allemaal niet zo vreemd wat je kat doet. Dan zien we dat jagen en eten twee verschillende gedra­ging­en zijn die zich beide in een ander deel van de hersenen afspelen. Het is in de natuur namelijk erg onlogisch dat een dier dat moet jagen voor de kost net zolang wacht met het vinden van een nieuwe prooi tot hij weer honger heeft.

In tijden dat de prooien schaars zijn zou de kat de hongerdood kunnen sterven voordat hij een muis heeft gevonden. Of is hij op zijn minst te verzwakt om nog te gaan jagen. Dat heeft niet alleen grote consequenties voor de kat in kwestie, maar ook voor het voortbestaan van de soort. Dus zelfs als katten in een warm huis wonen met een voerbak die nooit leeg is blijven de meeste katten de drang houden om naar hun volgende maal­tijd op zoek te gaan. Dat is hun instinct.

Op een gesloten deur na weerhoudt niets je kat ervan om een aantal keer per dag op pad te gaan en al dan niet met een muis of vogeltje thuis te komen. Zelfs als ze nooit iets anders vangen dan de speelgoed muis onder de kast zit het jagen in hun bloed.

Eerst stalken dan doden

Als poeslief op jacht gaat zal ze een aantal vaste patronen afwerken. Ze ligt misschien gehurkt in het gras of achter een struik en het lijkt of er niets aan de hand is. De kans is echter groot dat al haar zintuigen op scherp staan omdat de kleinste bewegingen in het gras de aanwezigheid van een muis zou kunnen verraden. Als een potentiële prooi dan dichtbij genoeg is zal poes eerst haar achterpoten strekken waardoor haar kontje een beetje omhoog komt en vervolgens trappelen met haar voor­poten. Dan zet ze razendsnel de aanval in. Als de prooi zich op een grotere afstand bevindt zal de aanval eveneens plaatsvinden maar er iets anders uitzien. Volledig gefixeerd op bijvoorbeeld een muis wordt, met het lijf laag bij de grond, in slow motion naar de muis toe geslop­en. Op het laatste moment wordt de sprint pas ingezet en wordt de muis met een sprong in de lucht bemachtigd door er bovenop te landen. Als poes honger heeft zal ze vervolgens de muis snel en effectief doden en opeten.

Altijd allert

Vaak gaan katten actief op zoek naar een prooi of wachten ze geduldig af of er eentje in de nabijheid op duikt. Goed getrainde katten zijn echter altijd zeer alert en zijn ware opportunisten. Zelf als ze niet doelgericht op jacht zijn blijven ze alert.

De spitsmuizen zijn 24 uur per dag actief en woelmuizen kruipen net onder de bovenlaag van het gras in tunnels rond. Beide zijn dus gedurende de hele dag potentiële prooien voor de kat. Het goede gehoor van de jager signaleert de geluiden en richt zijn aan­dacht gelijk op deze mogelijke prooi. De gelegenheid maakt de jager.

Spelen met de prooi

Helaas, tot verdriet van veel eigenaren, hebben katten dan de gewoonte om ge­vangen prooien niet gelijk te doden. Veel katten martelen hun prooi door er langdurig mee te spelen. Dit lijkt voor ons mensen een hele wrede vorm van spel, maar het is de natuur van de kat. En de natuur is wreed. Katten doen dit niet voor niets.

Prooidieren zullen zich met hand en tand verdedigen en de kat weet dat. Tussen het moment dat de kat de prooi vangt en hem doodbijt kan er van alles gebeuren. Vogels kunnen vliegend weer ont­snappen, mollen grijpen zich met de voorpoten vast om via hun tunnels weer te ontsnappen, konijnen trappen met hun achterpoten flik van zich af en ratten en muizen beginnen gelijk met bijten naar de kattenneus. Katten zijn dus heel terecht op hun hoede.

Wat wij mensen als spelen zien is in werkelijkheid de manier waarop de kat zijn prooi weet uit te putten voordat hij er met zijn kop en bek dichtbij komt. Het verzwakken van z’n prooi is voor de veiligheid van de kat. De scherpe tanden van een knaagdier kunnen makkelijk de ogen van een kat beschadigen. Hierdoor kan hij blind worden. Een kleine bijtwond kan ook infecties veroorzaken en op die manier het leven van de kat in gevaar brengen. Dus een prooi desoriënteren en in beweging houden door hem te ‘plagen’ tot hij erbij neervalt is een slimme manier om niet zelf gewond te raken.

Maar waarom neemt de kat zijn prooi mee naar huis?

Wanneer een poes kittens heeft is het natuurlijk duidelijk waarom ze haar prooien mee naar huis neemt. Zolang de kittens niet zelf kunnen jagen zullen ze door de moederpoes gevoed moeten word­en. De wetenschap is het nog niet eens over het gedrag bij de rest van de katten die geen kittens hebben.

Theorie 1

Katten vangen hun prooi met hun bek. Om de prooi te kunnen doden, moet de kat hem eerst weer loslaten. Slim­me prooien weten op zo’n moment weer te ontsnappen waardoor de kat het dier voor een tweede keer moet zien te vangen. Het zou kunnen dat een prooi gedesoriënteerd raakt door hem uit zijn vertrouwde omgeving te halen voordat de kat hem loslaat om hem dood te bijten. Hierdoor wordt de kans dat hij weet te vluchten mogelijk kleiner. De kat is immers in het voor­deel omdat hij zijn eigen huis heel goed kent. Terwijl de prooi nu geen bekende schuilplaatsen meer heeft.

Theorie 2

Veel baasjes denken echter dat de gevangen prooi een cadeautje is waar­mee de kat zijn liefde toont. Of dat de kat het baasje op die manier wil leren hoe hij de volgende keer zelf een muis kan vangen. Een lesje jagen voor dummies dus. Het lijkt echter veel aannemelijker dat de kat gewoon graag in de veiligheid van zijn eigen territorium wil eten.

Wat de reden ook mag zijn, het doet de relatie tussen de eigenaar en de kat vaak geen goed. Vooral als de wat minder goede jager een nog levend muisje in de huiskamer loslaat kan dat tot ongewenste situaties leiden. De kat verliest al snel de interesse voor zijn eigen prooi. En jij kan dan als ongetrainde jager achter de muis aan die zich in de kleinste gaatjes kan verstoppen. Of als het jou niet lukt om de muis uit zijn nieuw ontdekte hol te lokken blijft je kat dagenlang geduldig wachten tot de muis zich eindelijk weer laat zien. Waarna het spelletje van kat en muis zich eindeloos kan herhalen.

Oefening baart kunst

Het mag duidelijk zijn dat lang niet alle katten bedreven jagers worden. Katten die hun moederpoes nooit hebben zien jagen of die moeders hadden die zelf niet al te behendig waren hebben de kunst nooit af kunnen kijken. Dit verklaart waarom niet alle katten weten wat ze met een prooi aan moet­en als ze die al hebben weten te bemachtigen. Opgesloten in een huis(kamer) komen veel katten niet verder dan het bemachtigen van een vlieg of vlinder die toevallig binnen is gevlogen. Als de noodzaak om te jagen voor je maaltje niet aanwezig is zal je als kat mogelijk nooit de juiste vaardig­heden ontwikkelen. En als je nooit op straat hebt geleefd of ergens achter­gelaten bent is het ook geen probleem dat je je eigen kostje niet kan bemach­ti­gen. Misschien worden die katten nooit volwassen en zien ze ons als de moederpoes die ze van eten voorziet.

Buitenkatten

Natuurlijk geldt dat niet voor iedere kat. Veel katten mogen wel naar buiten en worden zeer bekwame jagers. Sommige gaan niet actief op pad, maar grijpen de gelegenheid om iets te vangen als die zich voordoet. Andere katten daarentegen gaan wel op strooptocht. Vooral de boerderij-katten bezitten een diepe drang om te jagen. Voor deze dieren zijn speelgoed muizen of veren aan een hengel vaak geen alternatief.

Kan je wel wat extra hulp gebruiken?

 

Word dan nu lid van Club Kat en krijg antwoorden op jouw vragen over het voer van je kat.